Heb je het druk? Zijn de kinderen druk? Even zingen en bewegen is altijd een goed idee! Juist wanneer je het gevoel hebt dat er geen tijd voor is. In dit liedje wordt de spanning eerst opgebouwd, maar eindigt het in ontspanning.
Met een kleine knipoog zou je kunnen zeggen dat dit lied ook nog op een andere manier over ‘druk’ gaat; de luchtdruk in een fietsband! Zorg ervoor dat je voor deze activiteit genoeg beweegruimte hebt, ga naar de speel- of gymzaal of naar buiten. Je hebt ook wat muziekinstrumenten nodig.
Band oppompen
Vertel dat jullie een liedje gaan zingen over een fiets met een lekke band. Maar eerst moeten de banden opgepompt worden. Jij doet voor hoe je met een fictieve pomp lucht in een fietsband pompt: ‘Ff, ff, fffffff.’ De kinderen doen jou na. Varieer in je voorbeeld met verschillende lange en korte f-klanken en wissel ook af met s- en sh- klanken. Dit is een goede opwarming van de ademhalingsspieren voor het zingen later en geeft tegelijkertijd een fijne focus op de ademhaling, zeker als je ook aandacht besteedt aan een lange, diepe inademing vooraf. Geef daarbij een paar kinderen de voorbeeldrol.
Rondfietsen
Zing het lied een keer of laat het horen en vraag de kinderen daarbij om rond te fietsen. Ze hebben zogenaamd een stuur vast en maken fietsbewegingen door tijdens het lopen hun knieën hoog op te tillen. Vraag ze om goed te luisteren naar het tempo van het lied. Gaat het lied langzaam, dan fietsen ze langzaam. Gaat het snel, dan fietsen ze snel. De uitdaging daarbij zit hem erin dat het lied op een gemiddeld tempo begint. Het tweede gedeelte begint langzaam en gaat dan steeds sneller en eindigt met een plotselinge stop en het geluid van de leeglopende band. Daarbij mogen ze op een s-klank helemaal slap vooroverbuigen, of eventueel zelfs op de grond gaan liggen.
Bellen
Misschien heb je Montessori- of andere bellen tot je beschikking. Ander kun je triangels gebruiken of misschien zelfs echte fietsbellen. Geef een paar kinderen deze instrumenten en laat het lied nog een keer horen. Steeds als het woord ‘fietsen’ of ‘fiets’ klinkt, spelen deze kinderen één keer op hun bel. In het begin zullen ze dit steeds na de betreffende woorden doen, dus in reactie daarop. Nodig ze uit om na verloop van tijd te proberen om te bellen precies óp het moment dat ‘fiets’ of ‘fietsen’ klinkt. Hoe vaker ze het liedje horen hoe beter dit zal gaan. Ondersteun dit eventueel met handgebaren die deze momenten aankondigen.
Verder fietsen
Door bovenstaande spelvormen zullen de kinderen het lied al snel goeddeels kunnen meezingen. Je kunt de kinderen ook nog ritme-instrumenten geven en vragen om daarmee het tempo van het lied te volgen, net zoals eerder bij het bewegen. Als je het lied live zingt en begeleidt op gitaar of ukelele (of bijvoorbeeld met een handtrommel) kun je nog meer variëren met het tempo. Wissel elke herhaling van het lied af met het pomp-spel van het begin. Wil je nog meer muziek in het thema ‘fiets’? Zing dan ook Jeroen Schippers Papa Gaai ging fietsen, Met papa op de fiets van Ageeth de Haan of de spreek-canon Op de fiets uit muziekmethode 123ZING