Deel 7 - Dienstverlening en ouders

Deel 7 - Dienstverlening en ouders

Productgroep Handboek management kinderopvang
Anja Hol Maaike Vaes | 2012 | 9789088502347
3,95
Abonneeprijs: 1,58

Omschrijving

De positie van ouders
Inspraak van ouders is niet meer weg te denken uit de kinderopvang. De verdere professionalisering van de sector maakt dat invloed en medezeggenschap van maar vooral partnerschap met ouders belangrijke voorwaarden zijn voor de kwaliteit van deze dienstverlening. Opvoeding en opvang moeten op elkaar worden afgestemd in het belang van het kind. Er moeten niet alleen doorgaande ontwikkelingslijnen bestaan tussen de opvang en het basisonderwijs, maar vooral ook tussen de opvang en de opvoeding thuis. De titel van dit hoofdstuk is dan ook onjuist, want ouders zijn geen partij, maar partners. Wettelijk bezien zijn ouders echter wel een partij. Omdat het moeilijk is om kwaliteit en betrokkenheid te kwantificeren, is ervoor gekozen om de inspraak, invloed, betrokkenheid van ouders te omschrijven en vast te leggen. Hierdoor is het minimum gedefinieerd van die zaken die door de kinderopvangorganisatie in elk geval geregeld dienen te zijn als het gaat om de medezeggenschap van ouders. In dit hoofdstuk komen deze wettelijke bepalingen aan bod, maar ook het partnerschap met de ouders.
Door een goed en regelmatige contact met ouders kan de dienstverlening aan kinderen worden verbeterd en verder worden afgestemd op de behoeften van kinderen en ouders. Door ouderbetrokkenheid kan er maatwerk geleverd worden in het belang van groepen kinderen. In het verleden is gebleken dat vernieuwingen in de kinderopvang mede zijn ontstaan door goed contact met en het luisteren naar de wensen van ouders. Dit alles resulteert in hogere kwaliteit en meer tevredenheid. 

Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen
De Wet kinderopvang is op 1 januari 2005 in werking getreden. De wet is per 1 januari 2010 aangepast in verband met een herziening van het stelsel van gastouderopvang. Sinds 1 augustus 2010 is de wetgeving betreffende peuterspeelzalen opgenomen in de Wet kinderopvang, waardoor deze wet wordt aangehaald als Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. Voor wat betreft de rechten en plichten van ouders op het gebied van inspraak geldt de Wet kinderopvang voor kinderdagopvang (van 0 tot 4 jaar), buitenschoolse opvang (van 4 tot 12 jaar) en gastouderopvang. Expliciet wordt vermeld dat de wet niet geldt voor tussenschoolse opvang of gesubsidieerd peuterspeelzaalwerk (van 2 tot 4 jaar).